Houtskeletbouw (HSB) is een droge bouwmethode waarbij wanden, vloeren en daken worden opgebouwd uit een houten skelet van stijlen en regels, afgedekt met constructieplaten (OSB, multiplex of gipsvezelplaat) en gevuld met isolatie.
Maatvoering en opbouw
Gangbare stijldoorsnedes in de Nederlandse en Europese bouwpraktijk zijn 45×120 mm, 45×145 mm of 45×195 mm, geplaatst hart-op-hart op 400 mm of 600 mm. De stijlen dragen de verticale belastingen; de beplating zorgt voor schijfwerking en uitkraging. Wanden worden doorgaans fabrieksmatig als elementen geproduceerd en op de bouwplaats gemonteerd.
Voordelen
- Lichte constructie — gunstig voor funderingsbelasting en renovatie op bestaande draagvloeren.
- Snelle, droge bouw — geen uithardtijden, direct volgbaarheid voor installaties en afwerking.
- Hoge Rc-waarde bij slank wandpakket — isolatie vult de volledige stijldiepte; additionele buitenisolatie verhoogt de waarde verder zonder de plattegrond te vergroten.
- Prefabricage — maatnauwkeurigheid en kwaliteitscontrole in gecontroleerde fabrieksomgeving.
Aandachtspunten
- Dampscherm — aan de warme (binnen)zijde van de isolatie is een dampremmende laag vereist om condensatie in het wandpakket te voorkomen.
- Luchtdicht bouwen — naden tussen elementen en aansluitingen op vloer en dak moeten zorgvuldig worden afgedicht (zie luchtdicht-bouwen).
- Thermische massa — hout en lichte beplating accumuleren weinig warmte; ruimtes warmen sneller op én koelen sneller af dan bij massieve bouw.
Normering
Houtconstructies worden berekend volgens NEN-EN 1995 (Eurocode 5). Gangbare sterkteklasse voor constructiehout is C18–C24. Eisen aan energieprestatie en luchtdichtheid volgen uit het Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl).